Procesrecht

    AI voor procesadvocaten en de regels achter de procedure.

    LEO doet het bronnen- en jurisprudentieonderzoek voor uw procesdossiers op de tekst die op dat moment gold: het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering met de versiedatum erbij, de landelijke procesreglementen van de Rechtspraak en de beslagsyllabus. Procesrecht is bij LEO een boom met diepte in de takken en niet in de stam — het zware materiaal hangt achter de deelgebieden beslag en executie en tuchtrecht, en komt pas mee als u die aanvinkt. Elke stelling met vindplaats: artikel, paragraaf of ECLI.

    De bronnen

    De diepte zit hier in de deelgebieden.

    Bij een procesrechtelijke vraag zet LEO niet ‘alles’ aan, maar de set die bij dit gebied hoort — en die set is hier bijzonder gevormd. Geen enkele bron in de registry is uitsluitend voor procesrecht aangelegd. De twee die u hier zou verwachten, de reglementen van de Rechtspraak en de Nederlandse orde van advocaten, staan in élk profiel al aan. Het eigen materiaal hangt één laag lager, achter de deelgebieden. Dat zeggen we liever hier dan dat u het bij de eerste zaak ontdekt.

    Erbij zodra u het deelgebied aanvinkt

    Deze vijf hangen niet aan Procesrecht zelf maar aan een knooppunt eronder: beslag en executie, of tuchtrecht. Kiest u alleen Procesrecht, dan doen ze níet mee. Een keuze werkt namelijk omhoog — naar de voorouders van het knooppunt dat u aanvinkt — en nooit omlaag naar de kinderen ervan.

    • Tuchtrecht.nl

      De uitspraken van zeven tuchtstelsels op één plek: Accountantskamer, raden en hof van discipline voor advocaten, Kamer voor Gerechtsdeurwaarders, kamers voor het notariaat, de regionale tuchtcolleges en het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg, het Veterinair Tuchtcollege en het Tuchtcollege voor de Scheepvaart.

    • Medisch Tuchrecht — CTG/RTG reglementen + oriëntatiepunten

      De procesregels en maatregelkaders van de regionale tuchtcolleges en het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg: hoe een medische tuchtklacht loopt, naast de uitspraken die dat proces hebben opgeleverd.

    • Insolventie — WHOA, beslagrecht-raakvlak & statistiek

      Het punt waar verhaal en herstructurering elkaar raken: de WHOA-afdeling van de Faillissementswet, die in artikel 369 lid 1 Fw de natuurlijke persoon zonder beroep of bedrijf, banken, beleggingsondernemingen, verzekeraars en centrale tegenpartijen uitsluit — en daarmee bepaalt of uw beslag straks tegen een akkoordtraject aanloopt of niet.

    • Deurwaarders — KBvG-direct & Tuchtcollege

      De beroepsregels van de gerechtsdeurwaarder naast de tuchtrechtspraak van de Kamer voor Gerechtsdeurwaarders — het antwoord op de vraag of een ambtshandeling in uw dossier is verricht zoals het hoort, die u niet uit Rv alleen haalt.

    • Deurwaarders — Uitvoering & doctrine (BFT + Bureau Wsnp + NVI + Boom)

      De uitvoeringskant van verhaal en incasso, van de toezichthouder tot de doctrine: Bureau Financieel Toezicht houdt toezicht op gerechtsdeurwaarders en notarissen, Bureau Wsnp op de schuldsaneringspraktijk, en daarnaast de branche- en literatuurlaag waarin staat hoe een buitengerechtelijk incassotraject in de praktijk verloopt.

    Staat in élk profiel aan

    Deze bronnen doen altijd mee, ongeacht vakgebied. Twee ervan hoort u in een procesdossier dagelijks: Rechtspraak — reglementen en oriëntatiepunten draagt de procesreglementen en de beslagsyllabus, en de Nederlandse orde van advocaten draagt de regelgeving van de beroepsgroep. Ze staan hier en niet hierboven omdat ze de specialisatie `general` dragen: ze stonden al aan voordat u iets koos.

    • Rechtspraak — reglementen en oriëntatiepunten

      De landelijke procesreglementen met hun geldigheidsdatum erbij — voor civiele dagvaardingszaken bij de rechtbanken geldt de 2e versie vanaf 1 juli 2026, bij de gerechtshoven die vanaf 1 januari 2026 — plus de beslagsyllabus, waarvan de versie augustus 2026 in § C.1 de veertiendagentermijn voor de eis in de hoofdzaak vastlegt.

    • Nederlandse orde van advocaten (advocatenorde.nl)

      De regelgeving en praktijkinformatie van de NOvA zelf, inclusief de wetgevingsadviezen van haar adviescommissies — het standpunt van de beroepsgroep over een wetsvoorstel, dat u nergens in de wettenbank terugvindt.

    • Wetten.nl

      De geldende wettekst op de dag van raadpleging, met de mogelijkheid om een oudere versie op te vragen wanneer het om een feit uit het verleden gaat.

    • Rechtspraak.nl (ECLI)

      Gepubliceerde uitspraken van de Nederlandse rechter, waarnaar wordt verwezen met de ECLI zodat u de vindplaats zelf kunt openen.

    • Officiële Publicaties (KOOP)

      Staatsblad, Staatscourant en Kamerstukken — waar u de parlementaire geschiedenis van een bepaling terugvindt.

    • EUR-Lex (EU-recht)

      Verordeningen, richtlijnen en de geconsolideerde versies daarvan, inclusief de vraag of een richtlijn al is omgezet.

    • EHRM (HUDOC)

      Rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, voor zaken waarin een verdragsrecht meespeelt.

    • Verdragenbank

      De verdragsteksten zelf, met hun status voor Nederland — of een verdrag in werking is en met welk voorbehoud.

    • LiDO (Linked Data Overheid)

      De verwijzingen tússen regelingen: welke bepaling naar welke andere wijst, zodat een keten van doorverwijzingen niet halverwege afbreekt.

    • PUC (puc.overheid.nl)

      Beleidsregels en werkinstructies van uitvoeringsorganisaties — het niveau onder de wet waar de praktijk zich vaak op richt.

    • open.overheid.nl

      Openbaar gemaakte overheidsdocumenten, waaronder Woo-besluiten en de stukken die daarbij zijn vrijgegeven.

    • Gedragsregels Advocatuur (NOvA)

      De gedragsregels met hun toelichting, voor de vraag of een handelwijze tuchtrechtelijk houdbaar is.

    • College voor de Rechten van de Mens (oordelen)

      Oordelen over gelijke behandeling — geen rechterlijke uitspraken, maar in de praktijk wel richtinggevend.

    • KvK Handelsregister

      De registerstand van een rechtspersoon: wie tekenbevoegd is, welke rechtsvorm, en of een entiteit nog bestaat.

    • Juridische literatuur (OpenAlex)

      Open toegankelijke wetenschappelijke literatuur, voor wanneer een standpunt onderbouwing uit de doctrine vraagt.

    • Duits recht (NeuRIS)

      Duitse wetgeving en rechtspraak, bruikbaar bij grensoverschrijdende zaken en bij rechtsvergelijking.

    • NCSC — Security Advisories

      Beveiligingsadviezen van het Nationaal Cyber Security Centrum, relevant zodra een zaak een digitaal incident raakt.

    Een bron staat hier alleen als hij op dit profiel ook echt activeert, en in de kolom die bij zijn grond hoort. Onder elk antwoord in LEO staat welke bronnen daadwerkelijk meededen — u hoeft ons niet op ons woord te geloven.

    Alle 110 officiële bronnen

    De tekst op de peildatum

    Het artikelnummer dat u kent kan leeg zijn.

    Procesrecht verandert stil. Een wetboek wordt samengevoegd, een artikel vervalt en verhuist, een reglement krijgt een nieuwe versie per 1 juli. LEO haalt de geldende tekst op met BWB-id, artikel en peildatum in plaats van uit een geheugen dat de laatste wijziging gemist kan hebben.

    Eén Rv, niet tweeBWBR0001827, geldend van 14 juli 2026
    De wettenbank droeg een tijd lang een tweede Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, met in de titel de toevoeging ‘(geldt in geval van niet-digitaal procederen)’ (BWBR0039872). Die regeling is per 1 mei 2023 vervallen. Wat overblijft heet weer gewoon Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en stond op 15 september 2026 op de versie die geldt vanaf 14 juli 2026. Wie nog naar het oude BWB-id verwijst, verwijst naar een vervallen regeling.
    Artikel 843a Rv bestaat niet meerartikel 843a Rv: „[Vervallen per 01-01-2025]”
    De exhibitievordering die iedereen bij dit nummer kent, staat er niet meer. Het recht op inzage, afschrift of uittreksel staat nu in artikel 194 Rv: een partij bij een rechtsbetrekking heeft dat recht tegenover degene die over bepaalde gegevens over die rechtsbetrekking beschikt, als zij daarbij voldoende belang heeft, en zij draagt zelf de kosten van verstrekking. Lid 2 houdt twee uitzonderingen open: een verschoningsrecht als bedoeld in artikel 165 lid 2 Rv, en gewichtige redenen. LEO leest dat op de peildatum en ziet dus de lege huls staan waar een geheugen het oude artikel nog zou citeren.
    De beroepstermijnen, uit de wet gelezenartikelen 339 en 402 Rv
    Artikel 339 lid 1 Rv geeft drie maanden voor hoger beroep, te rekenen van de dag van de uitspraak van het vonnis dan wel de dag van de mondelinge uitspraak als bedoeld in artikel 29a. Lid 2 maakt daar vier weken van bij een vonnis in kort geding. Artikel 402 lid 1 Rv geeft voor cassatie eveneens drie maanden, behoudens de gevallen waarin de wet een kortere cassatietermijn voorschrijft, en lid 2 bepaalt dat waar de appeltermijn korter is, de cassatietermijn op het dubbele daarvan wordt gesteld.
    Waarop de Hoge Raad wél en niet toetstartikelen 79 en 80a Wet RO (BWBR0001830, geldend van 1 juli 2025)
    Artikel 79 lid 1 Wet RO noemt twee vernietigingsgronden: verzuim van vormen voor zover de niet-inachtneming daarvan uitdrukkelijk met nietigheid is bedreigd of zodanige nietigheid uit de aard van de vorm voortvloeit, en schending van het recht met uitzondering van het recht van vreemde staten. Artikel 80a lid 1 geeft de Hoge Raad daarnaast de bevoegdheid het beroep niet-ontvankelijk te verklaren wanneer de klachten geen behandeling rechtvaardigen omdat de partij klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft of de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden; lid 3 laat dat door drie leden van een meervoudige kamer beslissen.

    Een artikelnummer zonder peildatum is in procesrecht geen vindplaats maar een gok. Daarom staat de versie er altijd bij.

    Eén vraag, uitgewerkt

    Advocaat handelspraktijk · conservatoir beslag · beslagleggende zijde

    „De voorzieningenrechter heeft verlof verleend met een termijn van veertien dagen voor de eis in de hoofdzaak. We zitten midden in een schikkingsgesprek. Kan ik die termijn verlengen, en hoe lang?”

    Zo komt het antwoord terug

    Wat de wet zegt, en wat er gebeurt als u hem mist

    Artikel 700 lid 3 Rv bepaalt dat het verlof — tenzij op dat tijdstip al een eis in de hoofdzaak is ingesteld — wordt verleend onder voorwaarde dat het instellen daarvan geschiedt binnen een door de voorzieningenrechter te bepalen termijn van ten minste acht dagen na het beslag. De voorzieningenrechter kan die termijn verlengen, indien de beslaglegger dit vóór het verstrijken ervan verzoekt; tegen de beschikking is geen hogere voorziening toegelaten. De laatste volzin is de scherpe: overschrijding van de termijn doet het beslag vervallen.

    Waar die veertien dagen vandaan komen

    Niet uit de wet — die noemt alleen een ondergrens van acht dagen. Het getal komt uit de beslagsyllabus, versie augustus 2026, § C.1: de termijn wordt in beginsel gesteld op veertien dagen na het beslag, en een goed beargumenteerd verzoek om een langere termijn kan worden toegewezen. De syllabus tekent er zelf bij aan dat haar ‘best practices’ een invulling van de rechterlijke beslisvrijheid zijn en de rechter niet binden.

    Wat een verlengingsverzoek in deze situatie haalt

    § C.2 van diezelfde syllabus maakt onderscheid naar de reden. Gaat het alleen om uw eigen belang — meer tijd om de dagvaarding op te stellen — dan geldt als uitgangspunt eenmalig veertien dagen, in bijzondere omstandigheden maximaal een maand. Onderhandelingen tellen als een belang van beide partijen; uitgangspunt is dan dat een eerste verlengingsverzoek wordt toegewezen als de gevraagde verlenging niet langer is dan veertien dagen. Bij een derdenbeslag kan drie weken worden verzocht, omdat de derde op grond van artikel 720 jo. 476a Rv in beginsel twee en maximaal vier weken de tijd heeft om te verklaren. Het verzoek moet in alle gevallen tijdig zijn: vóór het verstrijken van de lopende termijn.

    En wat er verder op het spel staat

    Artikel 705 lid 2 Rv geeft de gronden waarop opheffing onder meer wordt uitgesproken: verzuim van op straffe van nietigheid voorgeschreven vormen, summierlijk gebleken ondeugdelijkheid van het ingeroepen recht of onnodigheid van het beslag, en — bij een geldvordering — voldoende zekerheidstelling. Omdat op een beslagrekest ex parte wordt beslist, weegt de waarheidsplicht van artikel 21 Rv hier zwaar: de syllabus zegt met zoveel woorden dat misleiding door onvoldoende toelichting in het rekest de voorzieningenrechter reden kan geven een latere opheffingsvordering reeds om die reden toe te wijzen.

    Welke bronnen dit antwoord dragen

    De wettekst komt uit de basislaag, de syllabus uit de reglementenbron die in élk profiel aanstaat. De drie deurwaarderscorpora hebben hier níet meegedaan: die komen pas mee als u het deelgebied Beslag en executie aanvinkt. Onder het antwoord in LEO staat die lijst, zodat u het verschil ziet in plaats van erop te moeten vertrouwen.

    Waar het materiaal zit

    Vijf bronnen, allemaal één laag lager.

    Wat dit vakgebied aan eigen materiaal heeft, hangt niet aan de wortel maar aan de knooppunten eronder. Dat is geen detail voor de fijnproever: het bepaalt wat LEO meekrijgt. Hieronder staat per tak wat er hangt en wat er níet hangt.

    Beslag en executie — drie corporaknooppunt procesrecht.beslag-executie
    Vinkt u dit deelgebied aan, dan komen de KBvG- en tuchtcollegebron, de uitvoerings- en doctrinebron (met BFT en Bureau Wsnp) en de insolventiebron mee. Zonder die keuze werkt LEO hier op de wet zelf: artikel 430 Rv over de grosse en de betekening vóór tenuitvoerlegging, artikel 438 Rv over het executiegeschil en de schorsingsbevoegdheid van de voorzieningenrechter, en de artikelen 700 en 705 Rv voor conservatoir beslag.
    Tuchtrecht — twee bronnen, en een eigen paginaknooppunt procesrecht.tuchtrecht
    Tuchtrecht.nl ontsluit de uitspraken van zeven tuchtstelsels; de medisch-tuchtrechtbron draagt daarnaast de reglementen van de regionale tuchtcolleges en het Centraal Tuchtcollege. De norm zelf staat in de wet: artikel 46 Advocatenwet onderwerpt advocaten aan tuchtrechtspraak wegens handelen of nalaten in strijd met de zorg die zij behoren te betrachten, wegens inbreuken op de Advocatenwet, de Wwft, de Wet kwaliteit incassodienstverlening en de verordeningen van de Orde, en wegens enig handelen of nalaten dat een behoorlijk advocaat niet betaamt. Voor dit deelgebied bestaat een eigen pagina; ga daarheen als tuchtrecht uw hoofdvraag is.
    Incasso — geen eigen corpus, wel een raakvlakknooppunt procesrecht.incasso
    Aan het incassoknooppunt zelf hangt geen bron. De incassorechttag zit wél op de deurwaarders-uitvoeringsbron, die dus via beslag en executie binnenkomt. De harde kern leest LEO uit het BW: artikel 6:96 lid 2 onder c BW maakt redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte vergoedbaar, en lid 6 voegt daaraan toe dat die vergoeding bij een consument-schuldenaar pas verschuldigd wordt nadat hij ná het intreden van het verzuim, onder vermelding van de gevolgen van uitblijvende betaling, vruchteloos is aangemaand tot betaling binnen veertien dagen, aanvangende de dag na aanmaning.
    Cassatie — hier hangt nietsknooppunt procesrecht.cassatie
    Aan het cassatieknooppunt hangt geen enkele bron, en er is geen pagina voor. Wat LEO hier levert, komt uit de basislaag: de arresten en conclusies via Rechtspraak.nl (ECLI) en de wettekst van Rv en de Wet RO. Voor een ontvankelijkheidsvraag of een termijn is dat voldoende; voor de cassatiepraktijk als vak is het dat niet, en dat zeggen we liever vooraf.

    Kiest u alleen Procesrecht, dan krijgt u de basislaag. Kiest u het deelgebied erbij, dan krijgt u de corpora. Het verschil staat onder elk antwoord in LEO, in de lijst met bronnen die daadwerkelijk zijn geraadpleegd.

    Vragen uit dit vak

    Wat procesadvocaten als eerste vragen.

    Welke bronnen doen mee als ik alleen Procesrecht aanvink?
    De basislaag: de wettekst via Wetten.nl, de rechtspraak via Rechtspraak.nl (ECLI), de procesreglementen en oriëntatiepunten van de Rechtspraak, de Officiële Publicaties, het EU-recht, de literatuur en de regelgeving van de Nederlandse orde van advocaten. Er is geen enkele bron die uitsluitend aan het knooppunt Procesrecht hangt. De vijf bronnen die dit vak eigen zijn — over beslag en executie en over tuchtrecht — hangen aan een deelgebied en komen er pas bij als u dat deelgebied óók aanvinkt.
    Kent LEO de landelijke procesreglementen, en welke versie?
    Ja, met de geldigheidsdatum erbij, en dat is hier geen formaliteit: deze stukken worden per 1 januari en 1 juli herzien. Op 15 september 2026 gold voor de rechtbanken het Landelijk procesreglement civiele dagvaardingszaken, handel en kanton, in de 2e versie vanaf 1 juli 2026 — de voorgaande versie liep van juli 2025 tot juni 2026. Voor de gerechtshoven geldt het Landelijk procesreglement civiele dagvaardingszaken gerechtshoven vanaf 1 januari 2026, voor kort gedingen bij de rechtbanken de versie vanaf 1 juli 2025 en voor verzoekschriftprocedures bij de rechtbanken de 3e versie vanaf 1 juli 2026. LEO noemt de versie waaruit hij citeert; vraagt u naar een eerdere, dan zegt hij welke hij heeft.
    Waarom vind ik artikel 843a Rv niet meer terug?
    Omdat het er niet meer staat. In de geldende toestand van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering draagt artikel 843a de aanduiding ‘[Vervallen per 01-01-2025]’. Het recht op inzage, afschrift of uittreksel van gegevens staat nu in artikel 194 Rv, dat het toekent aan een partij bij een rechtsbetrekking tegenover degene die over gegevens daarover beschikt, mits zij daarbij voldoende belang heeft, met in lid 2 een uitzondering voor een verschoningsrecht als bedoeld in artikel 165 lid 2 Rv en voor gewichtige redenen. LEO haalt de tekst op de peildatum op en ziet die lege huls dus staan.
    Rekent LEO zelf een termijn voor mij uit?
    Nee. Hij legt de termijnbepaling naast de feiten uit uw dossier en laat de telling aan u, omdat het aanvangsmoment bijna altijd uit stukken komt die alleen u heeft. Artikel 339 lid 1 Rv rekent de appeltermijn van drie maanden van de dag van de uitspraak, lid 2 maakt daar vier weken van in kort geding, en artikel 402 Rv koppelt de cassatietermijn daaraan. Bij conservatoir beslag noemt artikel 700 lid 3 Rv alleen een ondergrens van acht dagen; het gebruikelijke vertrekpunt van veertien dagen staat in de beslagsyllabus, niet in de wet.
    Doorzoekt LEO ook tuchtuitspraken over advocaten en deurwaarders?
    Ja, maar alleen als u het deelgebied Tuchtrecht of Beslag en executie aanvinkt. Tuchtrecht.nl ontsluit de uitspraken van de raden en het hof van discipline, de Kamer voor Gerechtsdeurwaarders, de Accountantskamer, de kamers voor het notariaat, de tuchtcolleges voor de gezondheidszorg, het Veterinair Tuchtcollege en het Tuchtcollege voor de Scheepvaart. De norm voor advocaten staat in artikel 46 Advocatenwet. Voor tuchtrecht als hoofdonderwerp is er bovendien een eigen pagina.
    Kan LEO een arbitraal vonnis of een bindend advies vinden?
    In deze set niet. Arbitrale vonnissen en bindende adviezen dragen geen ECLI en staan niet in de open data van Rechtspraak.nl; er is voor procesrecht geen bron die ze ontsluit. Wat LEO wél doet, is de wettelijke route eromheen leveren — de titel vierde boek Rv, en voor de executie de artikelen 430 en 438 Rv — en zeggen dat de uitspraak zelf buiten zijn bereik valt, in plaats van er een te construeren.
    Wat kan LEO in procesrecht juist níet?
    Drie dingen, en het is beter dat u ze vooraf weet. Er is geen cassatiecorpus: klachten en conclusies komen binnen via Rechtspraak.nl, niet via een bron met de praktijk van de Hoge Raad. Er is geen eigen incassocorpus aan het incassoknooppunt; het materiaal daarover komt mee via beslag en executie. En hij procedeert niet: hij dient geen stukken in, bewaakt geen termijnen in uw agenda en neemt geen processuele beslissing. Wat hij wel doet, is elke stelling voorzien van de vindplaats waarop zij steunt, zodat u die in een paar seconden zelf kunt nalezen.

    Procesdossiers bevatten de stukken die nog niet openbaar zijn.

    Conceptdagvaardingen, schikkingscorrespondentie en beslagrekesten zijn vertrouwelijk, en een deel ervan wordt ex parte beoordeeld. Wat u in LEO zet, blijft van u: uw cliëntdata wordt nooit gebruikt om AI-modellen te trainen. Zo is dat geregeld →

    GDPR-compliant

    Verwerking volledig binnen de AVG. Uw cliëntdata wordt nooit gebruikt om AI-modellen te trainen.

    Data in de EU

    Eigen servers in EU-datacenters (Duitsland en Finland) — geen hyperscaler. TLS 1.2+ in transport en een volledig versleuteld datavolume (LUKS2 full-disk) op elke productiehost, waar ook de back-ups staan.

    ISO27001

    ISO 27001 — certificaat verwacht Q4 2026

    Certificeringsaudit afgerond in augustus 2026; certificaat verwacht in het vierde kwartaal van 2026. Volg de status in ons Trust Center.

    Alle details, subverwerkers en documentatie: trust.prudai.com

    Wilt u ook een eigen paralegal?

    Probeer LEO gratis.