Gezondheidsrecht

    AI voor gezondheidsrechtadvocaten en juristen van zorginstellingen.

    Een zorgvraag loopt zelden langs één route. Dezelfde gebeurtenis kan een tuchtklacht onder de Wet BIG zijn, een klacht en een geschil onder de Wkkgz, en een vordering onder de WGBO — met per route een andere klachtgerechtigde, een andere termijn en een andere uitkomst. LEO doet het bronnen- en jurisprudentieonderzoek op de stukken die daarin meebeslissen: de tuchtrechtspraak, de richtlijn die de professionele standaard invult, de NZa-beleidsregels, het BIG-register en de wettekst op de peildatum van uw dossier. Elke stelling met vindplaats: artikel, lid of ECLI.

    De bronnen

    Zeven bronnen die voor dit vak apart zijn aangelegd.

    Bij een gezondheidsrechtelijke vraag zet LEO niet 'alles' aan, maar de set die bij dit knooppunt hoort. Zeven bronnen dragen er een eigen tag, en ze dekken samen de geschilkant van het vak: tuchtrecht, zorgverzekeringsgeschillen, arbitrage binnen instellingen, de professionele standaard, de bekostiging en de bevoegdheidsvraag. Per bron staat hieronder wat hij hier oplevert — niet in welk hokje hij thuishoort.

    Aangelegd voor gezondheidsrecht

    Medische richtlijnen

    Live opgevraagd

    De richtlijnmodule zelf, uit de Richtlijnendatabase van het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten — het materiaal waarmee de professionele standaard wordt ingevuld waarnaar artikel 7:453 lid 1 BW en artikel 2 lid 2 onder b Wkkgz verwijzen, en waartegen een tuchtcollege het handelen legt.

    NZa (Nederlandse Zorgautoriteit)

    Live opgevraagd

    De beleidsregels, prestatiebeschrijvingen en tariefbeschikkingen waarin artikel 50 lid 1 Wmg concreet wordt gemaakt — zonder die laag is niet vast te stellen of een gedeclareerd tarief het verbod van artikel 35 lid 1 Wmg raakt of er juist binnen blijft.

    BIG-register (CIBG)

    Live opgevraagd

    Verificatie van een BIG-nummer plus beroep, specialisme en een eventuele tuchtmaatregel of bevoegdheidsbeperking: precies de gegevens die artikel 3 lid 3 Wet BIG openbaar verklaart, en de feitelijke invulling van de vergewisplicht van artikel 4 lid 1 onder a Wkkgz.

    Tuchtrecht.nl

    Live opgevraagd

    De uitspraken van de regionale tuchtcolleges en het centraal tuchtcollege voor de gezondheidszorg: hoe de twee tuchtnormen van artikel 47 lid 1 Wet BIG in vergelijkbare zaken zijn ingevuld, en welke van de zeven maatregelen van artikel 48 lid 1 daarop volgde.

    SKGZ (geschillen zorgverzekeringen)

    Live opgevraagd

    De bindende adviezen van de Geschillencommissie Zorgverzekeringen over dekking, eigen risico en naturapolissen — de uitkomst van de route die artikel 114 Zvw voorschrijft, nadat de verzekerde de zorgverzekeraar eerst om heroverweging heeft gevraagd.

    Scheidsgerecht Gezondheidszorg

    Live opgevraagd

    De arbitrale uitspraken over conflicten bínnen zorginstellingen — bestuurders, medisch specialisten, maatschappen — van een scheidsgerecht dat sinds 1961 bestaat en zijn uitsprakenarchief tot 1995 terug openbaar maakt; wie alleen op ECLI zoekt, ziet deze lijn niet.

    WLZ Indicatiestelling 2023-2026 + LOV-RI Zorgschade-aanbeveling

    Volledige tekst

    De CIZ-Beleidsregels indicatiestelling Wlz jaargang voor jaargang — het kader waarlangs de toegangscriteria van artikel 3.2.1 Wlz (blijvende behoefte aan permanent toezicht of aan 24 uur per dag zorg in de nabijheid) in een indicatiebesluit worden toegepast — plus de zorgschade-aanbeveling met haar financiële paragraaf, voor het begroten van blijvende zorgkosten.

    Governancecode Zorg 2022

    Volledige tekst

    De zeven principes van de code van de Brancheorganisaties Zorg, met de bepalingen waarin ze zijn uitgewerkt: de norm waaraan de Governancecommissie Gezondheidszorg toetst of een raad van bestuur of raad van toezicht heeft gedaan wat van haar werd verwacht. Hij komt hier langs het knooppunt publiekrecht binnen, maar draagt zelf óók de tag gezondheidsrecht — dit is het enige stuk in deze kolom dat voor dit vak zelf is aangelegd.

    Erbij via een breder knooppunt

    Deze dertien dragen geen gezondheidsrechttag. Twaalf hangen een niveau hoger, aan het knooppunt publiekrecht, en bedienen de hele bestuursrechtelijke tak: ze doen wel mee, maar ze zijn niet voor dit vak gebouwd — bij CORDIS, RVO en de Omgevingswet zeggen we dat hieronder gewoon. Twee zijn de uitzondering: de Governancecode Zorg 2022 draagt zelf óók een gezondheidsrechttag, en PUC is in de praktijk het documentenarchief van de NZa. De dertiende, de kennisbank medisch tuchtrecht, hangt juist een niveau lager en komt pas mee als u het deelgebied Wet BIG of WGBO & patiëntenrechten aanvinkt. En de Tweede Kamer is een categorie die in de beheeromgeving aan moet staan.

    • Lokale regelgeving (CVDR)

      De geconsolideerde verordening van de betrokken gemeente — de Wmo- en jeugdhulpverordening die bepaalt waar de gemeentelijke aanspraak begint en de Zvw- of Wlz-aanspraak ophoudt. Een bestuursrechtelijke bron, maar in de grensvraag zorg-versus-sociaal-domein wel de juiste.

    • Omgevingswet (OZON)

      De regels die op een locatie zelf gelden. Voor een zorgvraag is dat zelden het antwoord; hij komt in beeld bij de vastgoedkant van een instelling — nieuwbouw, herbestemming van een pand tot woonzorglocatie — en verder niet.

    • Raad van State (ABRvS-uitspraken en adviezen)

      De wetgevingsadviezen van de Afdeling advisering bij zorgwetsvoorstellen en de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak. Let op de grens: besluiten op grond van de Wmg gaan niet langs deze weg maar naar het College van Beroep voor het bedrijfsleven (bijlage 2 bij de Awb, artikel 4).

    • iBabs (gemeenteraadsstukken)

      Het raadsvoorstel of de notulen waarin een gemeente haar Wmo- of jeugdhulpinkoop bestuurlijk heeft behandeld: het spoor vóór het besluit, voor wie een zorgaanbieder tegenover een gemeente bijstaat.

    • Notubiz (gemeente-, provincie- en waterschapsstukken)

      Dezelfde bestuurlijke stukken bij de overheden die niet met iBabs werken. Welk van de twee systemen een gemeente gebruikt, bepaalt of haar stuk vindbaar is — daarom staan ze allebei in de set.

    • RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland)

      Regelingen en subsidie-instrumenten voor ondernemers. Hij hangt aan het knooppunt publiekrecht en komt daardoor mee; voor een gezondheidsrechtelijke vraag levert hij hoogstens de tekst van een regeling waaraan een zorgaanbieder deelneemt.

    • CORDIS (EU Horizon)

      Projecten en publicaties uit de EU-onderzoeksprogramma's. Wij noemen hem omdat hij meedoet, niet omdat hij dit vak draagt: bij een tucht-, klacht- of bekostigingsvraag voegt hij niets toe, bij een vraag over een onderzoekssubsidie van een umc soms wel.

    • Tweede Kamer — Parlementaire documenten

      De memorie van toelichting en het debat waarin een zorgbepaling haar bedoeling kreeg. Deze bron doet bij LEO niet vanzelf mee: hij hangt aan een categorie die in de beheeromgeving aan moet staan, en staat die uit, dan komt er geen Kamerstuk in het antwoord.

    • Medisch Tuchrecht — CTG/RTG reglementen + oriëntatiepunten

      De procedurele kant van een tuchtzaak die niet in de Wet BIG staat: de reglementen van het centraal en de regionale tuchtcolleges, het wrakingsprotocol en de oriëntatiepunten voor kostenveroordeling. Hij hangt aan de deelgebieden Wet BIG en WGBO & patiëntenrechten — vinkt u alleen Gezondheidsrecht aan, dan blijft hij buiten de set.

    Staat in élk profiel aan

    Los van het vakgebied staat in elk LEO-profiel de basisset aan: de wettekst op de peildatum die uw dossier vraagt, de Nederlandse en Europese rechtspraak, de verdragen en de juridische literatuur. Daarop steunt elk antwoord, ook als geen enkele zorgspecifieke bron iets oplevert.

    • Officiële Publicaties (KOOP)

      Staatsblad, Staatscourant en de parlementaire stukken: de plaats waar zorgregelgeving die níet in de wettenbank staat wordt bekendgemaakt — de Beleidsregels indicatiestelling Wlz worden hier geplaatst, en ministeriële regelingen bij de Wtza en de Wmg ook.

    • PUC (puc.overheid.nl)

      Formeel een governance-bron, feitelijk de publicatieomgeving waarop de NZa zelf schrijft: „Hier vindt u al onze documenten zoals beleidsregels, regelingen en tarieven.” Het archief onder de NZa-koppeling, inclusief de oudere jaargangen van een beleidsregel.

    • KvK Handelsregister

      Rechtsvorm, bestuurders, vertegenwoordigingsbevoegdheid en groepsstructuur van de zorgaanbieder — wie de instelling is die op grond van artikel 4 lid 1 Wtza over een toelatingsvergunning moet beschikken, en wie er namens haar tekent.

    • Wetten.nl

      De geldende wettekst op de dag van raadpleging, met de mogelijkheid om een oudere versie op te vragen wanneer het om een feit uit het verleden gaat.

    • Rechtspraak.nl (ECLI)

      Gepubliceerde uitspraken van de Nederlandse rechter, waarnaar wordt verwezen met de ECLI zodat u de vindplaats zelf kunt openen.

    • Rechtspraak — reglementen en oriëntatiepunten

      De procesreglementen en landelijke oriëntatiepunten van de Rechtspraak zelf: hoe een zaak feitelijk loopt, naast wat de wet voorschrijft.

    • EUR-Lex (EU-recht)

      Verordeningen, richtlijnen en de geconsolideerde versies daarvan, inclusief de vraag of een richtlijn al is omgezet.

    • EHRM (HUDOC)

      Rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, voor zaken waarin een verdragsrecht meespeelt.

    • Verdragenbank

      De verdragsteksten zelf, met hun status voor Nederland — of een verdrag in werking is en met welk voorbehoud.

    • LiDO (Linked Data Overheid)

      De verwijzingen tússen regelingen: welke bepaling naar welke andere wijst, zodat een keten van doorverwijzingen niet halverwege afbreekt.

    • open.overheid.nl

      Openbaar gemaakte overheidsdocumenten, waaronder Woo-besluiten en de stukken die daarbij zijn vrijgegeven.

    • Nederlandse orde van advocaten (advocatenorde.nl)

      De verordeningen en beleidsstukken van de NOvA, voor vragen over de beroepsuitoefening zelf.

    • Gedragsregels Advocatuur (NOvA)

      De gedragsregels met hun toelichting, voor de vraag of een handelwijze tuchtrechtelijk houdbaar is.

    • College voor de Rechten van de Mens (oordelen)

      Oordelen over gelijke behandeling — geen rechterlijke uitspraken, maar in de praktijk wel richtinggevend.

    • Juridische literatuur (OpenAlex)

      Open toegankelijke wetenschappelijke literatuur, voor wanneer een standpunt onderbouwing uit de doctrine vraagt.

    • Duits recht (NeuRIS)

      Duitse wetgeving en rechtspraak, bruikbaar bij grensoverschrijdende zaken en bij rechtsvergelijking.

    • NCSC — Security Advisories

      Beveiligingsadviezen van het Nationaal Cyber Security Centrum, relevant zodra een zaak een digitaal incident raakt.

    Een bron staat hier alleen als hij op dit profiel ook echt activeert, en waar dat een voorwaarde kent, staat die erbij in plaats van eronder. Onder elk antwoord in LEO staat welke bronnen daadwerkelijk meededen — u hoeft ons niet op ons woord te geloven.

    Alle 110 officiële bronnen

    Eén gebeurtenis, vier routes

    Welke procedure hoort hierbij?

    In het gezondheidsrecht bepaalt de gekozen route wie mag klagen, binnen welke termijn, en wat er aan het eind kan worden opgelegd. Vier routes lopen naast elkaar en sluiten elkaar niet uit. LEO zet ze naast elkaar met de wettekst erbij, in plaats van er één te kiezen.

    Tuchtrecht: twee normen, zeven maatregelenartikelen 47, 48 en 65 Wet BIG
    Artikel 47 lid 1 onderwerpt de ingeschrevene aan tuchtrechtspraak ter zake van (a) handelen of nalaten in strijd met de zorg die hij behoort te betrachten jegens de patiënt, degene die in nood bijstand behoeft en hun naaste betrekkingen, en (b) „enig ander dan onder a bedoeld handelen of nalaten in strijd met hetgeen een behoorlijk beroepsbeoefenaar betaamt”. Artikel 48 lid 1 zet daar zeven maatregelen tegenover, van waarschuwing en berisping via een geldboete van ten hoogste € 4.500 en schorsing voor ten hoogste één jaar tot doorhaling van de inschrijving. De bevoegdheid om te klagen vervalt door verjaring in tien jaren, te rekenen vanaf de dag ná het handelen of nalaten (artikel 65 lid 5).
    De klachtroute bij de zorgaanbiederartikelen 13, 15 en 17 Wkkgz
    Elke zorgaanbieder moet schriftelijk een regeling treffen voor „een effectieve en laagdrempelige opvang en afhandeling” van klachten (artikel 13 lid 1) en een of meer personen aanwijzen die de klager op diens verzoek gratis adviseren en bijstaan (artikel 15 lid 1). De klager ontvangt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen zes weken na indiening, een met redenen omkleed schriftelijk oordeel (artikel 17 lid 1); die termijn kan één keer met ten hoogste vier weken worden verlengd, met schriftelijke mededeling vóór het verstrijken ervan (lid 2).
    De geschilleninstantie: bindend advies met een bedragartikelen 18, 20, 21 en 22 Wkkgz
    De zorgaanbieder is aangesloten bij een door de minister erkende geschilleninstantie (artikel 18 leden 1 en 2). Die instantie „is bevoegd over een geschil een uitspraak te doen bij wege van bindend advies, alsmede een vergoeding van geleden schade toe te kennen tot in ieder geval € 25.000,–” (artikel 20). Artikel 21 lid 1 noemt de drie ingangen — waaronder het geval dat het oordeel op de klacht die naar het oordeel van de indiener in onvoldoende mate wegneemt. De uitspraak volgt uiterlijk binnen zes maanden (artikel 22 lid 1) en wordt niet tot personen herleidbaar openbaar gemaakt, „behoudens voor zover het de zorgaanbieder betreft” (lid 3).
    De civiele route: de WGBO is dwingend rechtartikel 7:468 BW
    Van de bepalingen van afdeling 7.7.5 BW en van de artikelen 7:404, 7:405 lid 2 en 7:406 BW „kan niet ten nadele van de patiënt worden afgeweken”. Dat is de reden dat een exoneratie of een algemene voorwaarde het informatie-, toestemmings- en dossierregime niet kan uithollen — en dat een behandelingsovereenkomst die de patiënt slechter zet dan de wet, op dat punt eenvoudig geen effect heeft.
    De verzekeringsroute loopt apartartikel 114 Zorgverzekeringswet
    Gaat het geschil niet over de zorg maar over de vergoeding, dan zorgt de zorgverzekeraar ervoor dat verzekeringnemers en verzekerden hun geschil aan een onafhankelijke instantie kunnen voorleggen (lid 1). Die neemt de zaak pas in behandeling nadat de verzekerde de zorgverzekeraar om heroverweging heeft gevraagd en deze niet binnen redelijke termijn of niet naar tevredenheid heeft gereageerd (lid 2); gaat het om de zorg of de vergoeding daarvan, dan vraagt zij advies aan het Zorginstituut, dat binnen vier weken antwoordt (leden 3 en 4).

    Vier routes, vier termijnen, vier uitkomsten. De keuze is van u — maar hij is wel een keuze, en dat is precies het soort ding dat een zoekopdracht op wettekst alleen niet zichtbaar maakt.

    Een vraag uit de praktijk

    Advocaat gezondheidsrecht · tuchtklacht tegen een BIG-geregistreerde · verweer

    „Onze cliënt, een BIG-geregistreerde zorgverlener, krijgt een tuchtklacht over handelen van bijna zeven jaar geleden. Is die klacht nog op tijd, wie mag hem eigenlijk indienen, en waar loopt dit op uit?”

    Zo komt het antwoord terug

    De termijn: tien jaar, en hij loopt vanaf de dag erna

    Artikel 65 lid 5 Wet BIG bepaalt dat de bevoegdheid tot het indienen van een klaagschrift vervalt door verjaring in tien jaren, en dat de verjaringstermijn aanvangt op de dag ná die waarop het handelen of nalaten is geschied. Bijna zeven jaar ligt daar binnen, dus op de termijn alleen sneuvelt de klacht niet. Twee dingen erbij die vaak worden overgeslagen: het aanknopingspunt is het handelen of nalaten, niet het moment waarop de klager het ontdekte, en artikel 47 lid 4 bepaalt dat doorhaling van de inschrijving de onderworpenheid aan tuchtrechtspraak over de periode van inschrijving in stand laat.

    Wie mag klagen, en wat kost het

    Artikel 65 lid 1 noemt vier categorieën: de rechtstreeks belanghebbende, degene die de beklaagde een opdracht heeft verstrekt, degene bij wie of het bestuur van de instelling waarbij de beklaagde werkzaam of ingeschreven is, en de inspecteur. Wie daar niet onder valt, wordt niet-ontvankelijk verklaard, en dat is bij klachten van derden het eerste dat u nagaat. Het griffierecht bedraagt € 50 (artikel 65a lid 1), wordt niet geheven bij een klaagschrift van de inspecteur (lid 4) en wordt aan de klager terugbetaald als de klacht geheel of gedeeltelijk gegrond wordt verklaard (lid 5). Artikel 65 leden 3 en 4 laten bovendien ruimte voor een minnelijke oplossing in het vooronderzoek; wordt die op schrift gesteld en ondertekend, dan geeft de klager daarmee te kennen zijn klacht in te trekken.

    Waaraan wordt getoetst, en wat kan er worden opgelegd

    De toets loopt langs de twee normen van artikel 47 lid 1: de zorg jegens de patiënt (onderdeel a) en het handelen „in strijd met hetgeen een behoorlijk beroepsbeoefenaar betaamt” (onderdeel b). De maatregelenladder van artikel 48 lid 1 loopt van waarschuwing en berisping via een geldboete van ten hoogste € 4.500, een schorsing van ten hoogste één jaar en een gedeeltelijke ontzegging van de bevoegdheid naar doorhaling van de inschrijving, met als zevende mogelijkheid binding aan bijzondere voorwaarden. LEO legt de normen naast de uitspraken op tuchtrecht.overheid.nl in vergelijkbare zaken en zet de richtlijn erbij die de professionele standaard op dit punt invult — de weging blijft van u.

    Het dossier is er nog, en de volgende termijn is korter

    Artikel 7:454 lid 3 BW bewaart het dossier twintig jaar vanaf de laatste wijziging, of zoveel langer als redelijkerwijs uit de zorg van een goed hulpverlener voortvloeit — na zeven jaar bestaat het dus, en de aantekeningen uit die periode zijn opvraagbaar. Tegen de eindbeslissing staat binnen zes weken na de dag van verzending van het afschrift beroep open bij het centraal tuchtcollege (artikel 73 lid 1), met binnen zes weken na toezending van het beroepschrift de mogelijkheid van incidenteel beroep (lid 5). Eén ding om vooraf te weten: de procedurele kennisbank met de reglementen van de tuchtcolleges, het wrakingsprotocol en de oriëntatiepunten voor kostenveroordeling hangt aan het deelgebied Wet BIG — vinkt u alleen Gezondheidsrecht aan, dan doet zij niet mee.

    De laag onder de wettekst

    Waar de norm feitelijk vandaan komt.

    Het gezondheidsrecht verwijst voortdurend naar iets buiten de wet: naar de professionele standaard, naar een register, naar een beschikking van een toezichthouder, naar een code. Die verwijzing is geen versiering — zij is de norm. LEO haalt die laag op bij de bron zelf, op het moment van de vraag.

    De professionele standaard is een verwijzing, geen vaag begripartikel 7:453 lid 1 BW en artikel 2 lid 2 Wkkgz
    De hulpverlener neemt de zorg van een goed hulpverlener in acht en handelt „in overeenstemming met de op hem rustende verantwoordelijkheid, voortvloeiende uit de voor hulpverleners geldende professionele standaard en kwaliteitsstandaarden als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg”. Artikel 2 lid 2 onder b Wkkgz zegt hetzelfde over goede zorg en voegt de inzichten uit de kwaliteitsregistraties toe. Daar zit de Richtlijnendatabase: niet als naslagwerk, maar als de plek waar die standaard in modules en aanbevelingen is vastgelegd.
    Mocht deze zorgverlener dit doen?artikelen 3 en 36 Wet BIG, artikel 4 Wkkgz
    Artikel 3 lid 3 Wet BIG verklaart naam, voorletters, geslacht, BIG-nummer, beroep en specialisme van de ingeschrevene openbaar. Artikel 36 wijst per categorie voorbehouden handelingen aan wie daartoe bevoegd is — heelkundige en verloskundige handelingen, endoscopieën, catheterisaties, injecties — telkens met de beperking dat het handelen tot het gebied van deskundigheid moet behoren. En artikel 4 lid 1 onder a Wkkgz verplicht de instelling zich ervan te vergewissen hoe een zorgverlener in het verleden heeft gefunctioneerd. Het BIG-register beantwoordt die drie vragen in één opvraging.
    Een tarief is een besluit, met een eigen rechtsgangartikelen 35, 50 en 57 Wmg, bijlage 2 bij de Awb
    Artikel 35 lid 1 Wmg verbiedt de zorgaanbieder een tarief in rekening te brengen dat niet overeenkomt met het vastgestelde tarief, buiten de vastgestelde tariefruimte ligt, of hoort bij een prestatie waarvoor geen prestatiebeschrijving is vastgesteld. Die vaststelling gebeurt bij beschikking (artikel 50 lid 1) en de NZa stelt daarover beleidsregels vast (artikel 57 lid 1). De rechtsgang wijkt af van de gewone: tegen Wmg-besluiten staat beroep open bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (bijlage 2 bij de Awb, artikel 4), behalve voor de boetebesluiten van paragraaf 6.4 Wmg — die gaan eerst naar de rechtbank en in hoger beroep alsnog naar het CBb (artikel 11 van die bijlage).
    Toelating, bestuur en de codeartikelen 2, 4 en 5 Wtza; Governancecode Zorg 2022
    Wie zorg gaat verlenen meldt dat vóór aanvang bij de minister (artikel 2 lid 1 Wtza). Een instelling die medisch-specialistische zorg verleent, of zorg als omschreven bij of krachtens de Wlz of de Zvw, beschikt bovendien over een toelatingsvergunning (artikel 4 lid 1). Artikel 5 lid 2 maakt zichtbaar hoe die stelsels in elkaar grijpen: de vergunning wordt geweigerd als aannemelijk is dat niet zal worden voldaan aan onder meer de artikelen 3, 7 en 9 lid 2 Wkkgz, artikel 40a Wmg, artikel 3 lid 1 Wmcz 2018 en artikel 35 Wmg. Daarnaast ligt de Governancecode Zorg 2022 met haar zeven principes; die is geen wet, maar de code zegt zelf dat toepassing „niet vrijblijvend” is en kent naast 'pas toe én leg uit' ook bepalingen waarbij afwijken niet aan de orde is.

    Een artikelnummer zonder de laag eronder is in dit vak een halve vindplaats. Daarom staat er bij elke stelling bij wáár zij vandaan komt — de richtlijnmodule, de beschikking, de registerregel of de bepaling in de code.

    Vragen uit dit vak

    Wat gezondheidsrechtjuristen als eerste vragen.

    Doorzoekt LEO de tuchtrechtspraak in de gezondheidszorg?
    Ja. De uitspraken van de regionale tuchtcolleges en het centraal tuchtcollege voor de gezondheidszorg worden gepubliceerd op tuchtrecht.overheid.nl, naast die van de tuchtcolleges voor accountants, advocaten, notarissen, gerechtsdeurwaarders, dierenartsen en de scheepvaart, en dat archief is een eigen bron in de gezondheidsrechtset. LEO legt die uitspraken naast de twee tuchtnormen van artikel 47 lid 1 Wet BIG en de maatregelenladder van artikel 48 lid 1. De procedurele kant — de reglementen van de colleges, het wrakingsprotocol en de oriëntatiepunten voor kostenveroordeling — zit in een aparte kennisbank die aan het deelgebied Wet BIG hangt; vinkt u alleen Gezondheidsrecht aan, dan komt die niet mee.
    Kan LEO een BIG-registratie controleren?
    Ja, rechtstreeks bij het BIG-register van het CIBG: BIG-nummer, beroep, specialisme en een eventuele tuchtmaatregel of bevoegdheidsbeperking. Dat zijn de gegevens die artikel 3 lid 3 Wet BIG openbaar verklaart — naam, voorletters, geslacht, BIG-nummer, beroep en specialisme — aangevuld met het openbare overzicht van zorgverleners met een tuchtmaatregel. Voor een instelling is dat geen formaliteit: artikel 4 lid 1 onder a Wkkgz verplicht haar zich ervan te vergewissen hoe een zorgverlener in het verleden heeft gefunctioneerd voordat zij hem inzet.
    Kent LEO de medische richtlijnen, en wat doet hij ermee?
    LEO raadpleegt de Richtlijnendatabase, de verzameling evidence-based richtlijnen van alle specialismen die door het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten wordt beheerd. Hij gebruikt die niet als medisch oordeel maar als juridisch ankerpunt: artikel 7:453 lid 1 BW verplicht de hulpverlener te handelen in overeenstemming met de professionele standaard en de kwaliteitsstandaarden als bedoeld in artikel 1 lid 1 Wkkgz, en artikel 2 lid 2 onder b Wkkgz herhaalt dat voor goede zorg. De richtlijn is dus de plek waar die norm is opgeschreven. Wat LEO niet doet, is beoordelen of van de richtlijn in dit geval mocht worden afgeweken — dat is een medisch-inhoudelijke weging.
    Wat kan LEO met een geschil over een zorgverzekering?
    De bindende adviezen van de Geschillencommissie Zorgverzekeringen van de SKGZ zijn een eigen bron in deze set, en die commissie is de plek waar dekkings-, eigen-risico- en naturapolisgeschillen feitelijk aflopen. De route ernaartoe staat in artikel 114 Zorgverzekeringswet: de zorgverzekeraar zorgt ervoor dat verzekerden hun geschil aan een onafhankelijke instantie kunnen voorleggen (lid 1), die het pas in behandeling neemt nadat de verzekerde om heroverweging heeft gevraagd en de verzekeraar niet binnen redelijke termijn of niet naar tevredenheid heeft gereageerd (lid 2). Gaat het over de zorg of de vergoeding daarvan, dan vraagt zij advies aan het Zorginstituut, dat binnen vier weken antwoordt (leden 3 en 4).
    Kan LEO een klacht- en geschilprocedure onder de Wkkgz uitzetten in de tijd?
    Hij leest de termijnen uit de wet in plaats van ze uit het hoofd te noemen. De zorgaanbieder moet een schriftelijke klachtenregeling hebben (artikel 13 lid 1 Wkkgz) en iemand aanwijzen die de klager gratis adviseert en bijstaat (artikel 15 lid 1). De klager krijgt uiterlijk binnen zes weken na indiening een met redenen omkleed schriftelijk oordeel (artikel 17 lid 1), eenmaal te verlengen met ten hoogste vier weken mits daarvan vóór het verstrijken schriftelijk mededeling wordt gedaan (lid 2). Neemt dat oordeel de klacht naar het oordeel van de indiener onvoldoende weg, dan staat de geschilleninstantie open (artikel 21 lid 1), die bij wege van bindend advies uitspraak doet en schadevergoeding kan toekennen tot in ieder geval € 25.000 (artikel 20), uiterlijk binnen zes maanden na voorlegging (artikel 22 lid 1).
    Houdt LEO rekening met de Wtza bij een vraag over een zorginstelling?
    Ja, via de geldende wettekst. Artikel 2 lid 1 Wtza verplicht de zorgaanbieder te melden vóórdat hij zorg gaat verlenen. Artikel 4 lid 1 eist een toelatingsvergunning van de instelling die medisch-specialistische zorg verleent of doet verlenen, dan wel zorg of een andere dienst als omschreven bij of krachtens de Wlz of de Zvw. Artikel 5 lid 2 noemt de weigeringsgronden en verwijst daarbij naar onder meer de artikelen 3, 7 en 9 lid 2 Wkkgz, artikel 40a Wmg, artikel 3 lid 1 Wmcz 2018 en artikel 35 Wmg — dat maakt zichtbaar dat kwaliteit, medezeggenschap, transparantie en tarieven in de vergunning samenkomen. De Governancecode Zorg 2022 met haar zeven principes ligt daarnaast als de norm waaraan de Governancecommissie Gezondheidszorg toetst.
    Wat kan LEO in gezondheidsrecht juist níet?
    Vier dingen, en het is beter dat u ze vooraf weet. Er is geen eigen bron voor het toezicht: de connector voor de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd bestaat in de registry, maar staat niet op LEO — aanwijzingen, lasten onder bestuursdwang en sectorrapporten komen dus niet als bron mee. De medisch-ethische kaders (GOMA, KNMG) dragen alleen een letselschadetag en zitten in die set, niet in deze. Voor gedwongen zorg onder de Wvggz en de Wzd is er geen corpus, en voor geneesmiddelen- en hulpmiddelenrecht evenmin; daar valt hij terug op wettekst en rechtspraak. En hij geeft geen medisch oordeel: hij leest het dossier dat u aanlevert naast de richtlijn en de norm, en laat de weging aan u en aan uw medisch adviseur. Wat hij wél doet, is elke stelling voorzien van de vindplaats waarop zij steunt, zodat u die in een paar seconden zelf kunt nalezen.

    Een medisch dossier is het gevoeligste stuk dat een kantoor in huis krijgt.

    Patiëntgegevens vallen onder een geheimhoudingsplicht die artikel 7:457 lid 1 BW voor de hulpverlener vastlegt en die u in uw dossier meedraagt. Wat u in LEO zet, blijft van u: uw cliëntdata wordt nooit gebruikt om AI-modellen te trainen. Zo is dat geregeld →

    GDPR-compliant

    Verwerking volledig binnen de AVG. Uw cliëntdata wordt nooit gebruikt om AI-modellen te trainen.

    Data in de EU

    Eigen servers in EU-datacenters (Duitsland en Finland) — geen hyperscaler. TLS 1.2+ in transport en een volledig versleuteld datavolume (LUKS2 full-disk) op elke productiehost, waar ook de back-ups staan.

    ISO27001

    ISO 27001 — certificaat verwacht Q4 2026

    Certificeringsaudit afgerond in augustus 2026; certificaat verwacht in het vierde kwartaal van 2026. Volg de status in ons Trust Center.

    Alle details, subverwerkers en documentatie: trust.prudai.com

    Wilt u ook een eigen paralegal?

    Probeer LEO gratis.