Consumentenrecht

    AI voor consumentenrechtadvocaten en bedrijfsjuristen in de verkoopketen.

    LEO doet het bronnen- en jurisprudentieonderzoek voor uw consumentenzaken op de tekst zelf: de conformiteits- en herroepingsregels van Boek 6 en Boek 7 BW, de oneerlijke handelspraktijken, de zwarte en grijze lijst bij algemene voorwaarden, en de EU-richtlijnen waar die bepalingen woordelijk uit voortkomen. Daarnaast de twee sporen naast de rechter: de ACM en de Reclame Code Commissie. Drie bronnen zijn speciaal voor dit vakgebied aangelegd — een smalle set, en dat zeggen we liever hier dan dat u het zelf ontdekt. Elke stelling met vindplaats: artikel, lid of ECLI.

    De bronnen

    Drie bronnen voor dit vak, en het zwaartepunt ligt elders.

    Bij een consumentenvraag zet LEO niet ‘alles’ aan, maar de set die bij dit gebied hoort. Drie bronnen dragen een consumentenrechttag. Dat is smal, en dat komt doordat dit vak zijn gewicht in de wettekst en de rechtspraak heeft liggen — Boek 6 en Boek 7 BW en de richtlijnen daarachter — en die worden gedragen door de bronnen die in élk profiel al aanstaan. Wat de drie eigen bronnen toevoegen, is de laag dáárbuiten: toezicht, zelfregulering en branchevoorwaarden.

    Aangelegd voor consumentenrecht

    Autoriteit Consument & Markt (ACM)

    Live opgevraagd

    Levert de boetebesluiten, toezeggingsbesluiten en leidraden van de ACM: het bestuursrechtelijke spoor naast de civiele zaak, waar een handelspraktijk van de zwarte lijst volgens artikel 2.15 lid 2 Whc tot 10% van de omzet van de overtreder kan kosten in plaats van tot een schadevergoeding aan één koper.

    Reclame Code Commissie (SRC)

    Live opgevraagd

    Geeft het Algemeen Deel van de Nederlandse Reclame Code, de ruim twintig bijzondere codes — van influencermarketing tot duurzaamheidsreclame en online kansspelen — en de uitspraken van de Reclame Code Commissie: de route die een reclameklacht neemt zonder dat er een rechter aan te pas komt.

    AVA 2023 Consument

    Volledige tekst

    Draagt de particuliere versie van de branchevoorwaarden voor aanneming van werk als volledige, doorzoekbare tekst — precies het soort standaardbeding waarvan de rechter sinds HR 13 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:691 ambtshalve moet onderzoeken of het oneerlijk is, ook als niemand zich erop beroept.

    Staat in élk profiel aan

    Deze doen altijd mee, ongeacht vakgebied — en in dit gebied dragen ze het leeuwendeel: de wettekst op peildatum, de ECLI-rechtspraak, en via EUR-Lex de richtlijnen waaruit de Nederlandse bepalingen woordelijk zijn overgenomen.

    • Wetten.nl

      De geldende wettekst op de dag van raadpleging, met de mogelijkheid om een oudere versie op te vragen wanneer het om een feit uit het verleden gaat.

    • Rechtspraak.nl (ECLI)

      Gepubliceerde uitspraken van de Nederlandse rechter, waarnaar wordt verwezen met de ECLI zodat u de vindplaats zelf kunt openen.

    • Officiële Publicaties (KOOP)

      Staatsblad, Staatscourant en Kamerstukken — waar u de parlementaire geschiedenis van een bepaling terugvindt.

    • Rechtspraak — reglementen en oriëntatiepunten

      De procesreglementen en landelijke oriëntatiepunten van de Rechtspraak zelf: hoe een zaak feitelijk loopt, naast wat de wet voorschrijft.

    • EUR-Lex (EU-recht)

      Verordeningen, richtlijnen en de geconsolideerde versies daarvan, inclusief de vraag of een richtlijn al is omgezet.

    • EHRM (HUDOC)

      Rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, voor zaken waarin een verdragsrecht meespeelt.

    • Verdragenbank

      De verdragsteksten zelf, met hun status voor Nederland — of een verdrag in werking is en met welk voorbehoud.

    • LiDO (Linked Data Overheid)

      De verwijzingen tússen regelingen: welke bepaling naar welke andere wijst, zodat een keten van doorverwijzingen niet halverwege afbreekt.

    • PUC (puc.overheid.nl)

      Beleidsregels en werkinstructies van uitvoeringsorganisaties — het niveau onder de wet waar de praktijk zich vaak op richt.

    • open.overheid.nl

      Openbaar gemaakte overheidsdocumenten, waaronder Woo-besluiten en de stukken die daarbij zijn vrijgegeven.

    • Nederlandse orde van advocaten (advocatenorde.nl)

      De verordeningen en beleidsstukken van de NOvA, voor vragen over de beroepsuitoefening zelf.

    • Gedragsregels Advocatuur (NOvA)

      De gedragsregels met hun toelichting, voor de vraag of een handelwijze tuchtrechtelijk houdbaar is.

    • College voor de Rechten van de Mens (oordelen)

      Oordelen over gelijke behandeling — geen rechterlijke uitspraken, maar in de praktijk wel richtinggevend.

    • KvK Handelsregister

      De registerstand van een rechtspersoon: wie tekenbevoegd is, welke rechtsvorm, en of een entiteit nog bestaat.

    • Juridische literatuur (OpenAlex)

      Open toegankelijke wetenschappelijke literatuur, voor wanneer een standpunt onderbouwing uit de doctrine vraagt.

    • Duits recht (NeuRIS)

      Duitse wetgeving en rechtspraak, bruikbaar bij grensoverschrijdende zaken en bij rechtsvergelijking.

    • NCSC — Security Advisories

      Beveiligingsadviezen van het Nationaal Cyber Security Centrum, relevant zodra een zaak een digitaal incident raakt.

    Een bron staat hier alleen als hij op dit profiel ook echt activeert. En er komt hier niets langs de zijdeur mee: het knooppunt consumentenrecht heeft in de boom geen onderliggende deelgebieden, en geen enkele bron bedient het vanaf een hoger knooppunt. De drie hierboven zijn dus geen selectie uit een grotere set — het is de hele set. Onder elk antwoord in LEO staat welke bronnen daadwerkelijk meededen; u hoeft ons niet op ons woord te geloven.

    Alle 110 officiële bronnen

    De wet op de peildatum

    De tekst van vandaag is niet die van vorig jaar.

    Consumentenrecht is de afgelopen jaren vrijwel jaarlijks herschreven, telkens vanuit Brussel. Wie het artikelnummer uit zijn hoofd citeert, citeert vaak een oudere versie. LEO haalt de geldende tekst op met BWB-id, artikel, lid en peildatum — hieronder wat er op 15 september 2026 stond.

    Misleiding gaat sinds 16 juli 2026 óók over duurzaamheidartikel 6:193c BW, inwerkingtredingsdatum 16-07-2026
    Lid 1 onder b rekent tot de voornaamste kenmerken van een product nu uitdrukkelijk de „milieu- of sociale kenmerken, circulariteitsaspecten zoals duurzaamheid, repareerbaarheid of recyclebaarheid”. Lid 2 onder d maakt een milieuclaim over toekomstige prestaties misleidend wanneer die claim wordt gedaan „zonder duidelijke, objectieve, openbaar toegankelijke en verifieerbare verplichtingen die zijn uiteengezet in een uitvoerig en realistisch uitvoeringsplan met meetbare en tijdsgebonden doelen”, dat bovendien regelmatig wordt geverifieerd door een onafhankelijke externe deskundige. Een klimaatbelofte in een campagne is daarmee een juridische stelling geworden.
    Het bewijsvermoeden loopt een jaar — in Nederlandartikel 7:18a lid 2 BW, in werking sinds 27 april 2022
    Bij een consumentenkoop „wordt vermoed dat de zaak of de zaak met digitale elementen bij aflevering niet aan de overeenkomst beantwoordt, indien de afwijking van hetgeen is overeengekomen zich binnen één jaar na aflevering openbaart, tenzij de verkoper anders aantoont of de aard van de zaak of de aard van de afwijking zich daartegen verzet”. Artikel 11 lid 2 van Richtlijn (EU) 2019/771 laat lidstaten in plaats van dat ene jaar ook twee jaar kiezen. Nederland deed dat niet, een aantal andere lidstaten wel — bij een grensoverschrijdende verkoop is dat verschil geen detail maar het geschil.
    Veertien dagen, of twaalf maanden erbijartikel 6:230o lid 1, 2 en 5 BW
    De consument kan een overeenkomst op afstand of buiten de verkoopruimte zonder opgave van redenen ontbinden tot een termijn van veertien dagen is verstreken. Is niet voldaan aan de informatieplicht over het herroepingsrecht uit artikel 6:230m lid 1 onder h, dan wordt die termijn verlengd tot het moment waarop de ontbrekende gegevens alsnog zijn verstrekt, „doch met ten hoogste twaalf maanden”. Lid 5 legt de bewijslast voor de juiste en tijdige uitoefening bij de consument — de enige plek in dit stuk waar de bewijslast zijn kant op valt.
    De zwarte lijst is geen richtsnoer maar een lijstartikelen 6:233 en 6:236 BW
    Artikel 6:233 maakt een beding in algemene voorwaarden vernietigbaar als het onredelijk bezwarend is voor de wederpartij of als hij geen redelijke mogelijkheid had ervan kennis te nemen. Artikel 6:236 vult dat voor de consument dwingend in: onder g valt een beding dat een wettelijke verjarings- of vervaltermijn verkort tot minder dan een jaar, onder j de stilzwijgende verlenging zonder opzegmogelijkheid met een termijn van ten hoogste een maand, en onder k een beding dat „de uit de wet voortvloeiende verdeling van de bewijslast ten nadele van de wederpartij wijzigt”.

    Op 15 september 2026 stond Boek 6 BW op de toestand die geldt vanaf 16 juli 2026 en Boek 7 BW op die vanaf 1 juli 2026. Een artikelnummer zonder die peildatum is in dit vak geen vindplaats maar een gok; LEO zet de versie er daarom bij.

    Een vraag uit de praktijk

    Advocaat · e-commerce · aan de kant van de verkoper

    „Een klant meldt elf maanden na levering een defect. Onze algemene voorwaarden zeggen dat hij binnen twee maanden moet klagen en dat na zes maanden de bewijslast bij hém ligt. Houdt dat stand?”

    Zo komt het antwoord terug

    Het vermoeden loopt een jaar, niet zes maanden

    Artikel 7:18a lid 2 BW bepaalt dat bij een consumentenkoop wordt vermoed dat de zaak bij aflevering niet aan de overeenkomst beantwoordde als de afwijking zich binnen één jaar na aflevering openbaart, tenzij de verkoper anders aantoont of de aard van de zaak of van de afwijking zich daartegen verzet. Elf maanden valt daar binnen. Het beding dat de bewijslast na zes maanden omkeert, wijzigt de uit de wet voortvloeiende verdeling van de bewijslast ten nadele van de consument en valt daarmee onder artikel 6:236 onder k BW — de zwarte lijst. Via artikel 6:233 onder a is zo'n beding vernietigbaar.

    De klachttermijn van twee maanden is een bodem, geen plafond

    Artikel 7:23 lid 1 BW eist kennisgeving binnen bekwame tijd nadat de koper het gebrek heeft ontdekt of redelijkerwijs had behoren te ontdekken, en voegt voor de consumentenkoop toe dat „een kennisgeving binnen een termijn van twee maanden na de ontdekking tijdig is”. Dat is een veilige haven vanaf de ontdekking, niet vanaf de levering. Is het defect pas in maand elf opgetreden, dan begint die termijn daar. Lid 2 geeft vervolgens twee jaar verjaring na de kennisgeving.

    En de rechter kijkt ernaar, ook als niemand het aanvoert

    Reken er niet op dat het beding blijft staan omdat de wederpartij er niets over zegt. De Hoge Raad oordeelde op 13 september 2013 dat de rechter, als hij over de nodige gegevens beschikt om te vermoeden dat een overeenkomst onder Richtlijn 93/13 valt en een oneerlijk beding bevat, „daarnaar onderzoek [dient] te doen, ook indien daarop gerichte stellingen niet aan de vordering of het verweer ten grondslag zijn gelegd”, en dat óók in verstekzaken. Stelt hij vast dat het beding oneerlijk is, dan is hij gehouden het te vernietigen.

    Wat dat betekent voor uw advies

    De inhoudelijke discussie verschuift van „wie moet bewijzen” naar „wat toont de verkoper aan”: artikel 7:18a lid 2 laat die ruimte uitdrukkelijk open. En de voorwaarden zelf verdienen een tweede blik, want een beding dat op de zwarte lijst staat, maakt de hele set kwetsbaar in elke volgende zaak — niet alleen in deze.

    Naast de rechter

    Twee sporen die uw cliënt eerder raken dan een dagvaarding.

    Een consumentenzaak eindigt lang niet altijd bij de kantonrechter. Vaak begint zij bij een toezichthouder of bij een klachtencommissie, en dan gelden andere normen, andere sancties en andere vindplaatsen. Dit zijn de twee sporen die de eigen bronnen van dit gebied ontsluiten.

    De ACM kan handhaven waar de consument zelf niet procedeertartikel 2.9 Wet handhaving consumentenbescherming
    Meent de ACM dat een inbreuk of een inbreuk binnen de Unie heeft plaatsgevonden, dan kan zij de overtreder een last onder dwangsom of een bestuurlijke boete opleggen. Dat spoor loopt los van de vraag of één koper zijn geld terugkrijgt: het richt zich op de praktijk als zodanig.
    En wat die boete kan zijn, staat in de wet zelfartikel 2.15 Whc, geldend van 25 juni 2026
    Lid 1 stelt het maximum op € 900.000 of, indien dat meer is, 1% van de omzet van de overtreder. Lid 2 maakt daar € 900.000 of, indien dat meer is, 10% van de omzet van als het gaat om een oneerlijke handelspraktijk in de zin van artikel 6:193g of 6:193i BW — de zwarte lijsten. Lid 3 kent bij een gecoördineerde actie op grond van Verordening 2017/2394 een maximum van 4% (of 10%) van de jaaromzet in de betrokken lidstaten, of € 2.000.000 als er geen omzetgegevens zijn. Lid 4 verdubbelt het maximum bij recidive binnen vijf jaar.
    De Reclame Code Commissie toetst aan een eigen codeNederlandse Reclame Code, Algemeen Deel, artikelen 7 en 8
    Artikel 7 luidt: „Reclame mag niet oneerlijk zijn. Reclame is oneerlijk wanneer zij in strijd is met de vereisten van professionele toewijding en het economische gedrag van de gemiddelde consument die zij bereikt of op wie zij gericht is met betrekking tot het product wezenlijk verstoort of kan verstoren.” Artikel 8.2 werkt misleiding uit langs dezelfde onderdelen a tot en met g als het BW. Bijlage I noemt onder 23 tot en met 25 het niet onthullen dat een zoekresultaat betaalde reclame is, het beweren dat beoordelingen van echte kopers komen zonder daar redelijke en proportionele stappen voor te zetten, en het laten plaatsen van valse consumentenbeoordelingen.
    En ruim twintig bijzondere codes daaronderreclamecode.nl, Bijzondere Reclamecodes
    Naast het Algemeen Deel gelden per product of kanaal eigen codes: onder meer de Reclamecode Social Media & Influencer Marketing, de Code voor Duurzaamheidsreclame, de Reclamecode Online Kansspelen 2023, de Code Telemarketing 2024 en de Kinder- en Jeugdreclamecode. Voor een influencercampagne of een groene claim is dat vaak de norm die als eerste wordt aangelegd — eerder dan artikel 6:193c BW.

    Welk spoor uw zaak neemt, verandert waar u moet zoeken. Een ACM-besluit is een bestuursrechtelijk besluit met een boetegrondslag; een uitspraak van de Reclame Code Commissie is dat niet. Geen van beide draagt een ECLI: ze staan bij de ACM en bij de Stichting Reclame Code zelf, en blijven onzichtbaar voor onderzoek dat bij Rechtspraak.nl ophoudt.

    Vragen uit dit vak

    Wat consumentenrechtjuristen als eerste vragen.

    Werkt LEO met de wettekst zoals die nu geldt, of zoals die gold toen mijn zaak speelde?
    Met de versie die u vraagt. LEO haalt de tekst op bij wetten.overheid.nl met BWB-id, artikel, lid en peildatum, in plaats van uit een geheugen. Dat is in dit vak geen luxe: op 15 september 2026 stond Boek 6 BW op de toestand die geldt vanaf 16 juli 2026 en Boek 7 BW op die vanaf 1 juli 2026. Artikel 6:193c BW is bij die wijziging van 16 juli 2026 uitgebreid met circulariteitsaspecten en met een regel over milieuclaims over toekomstige prestaties — wie de vorige versie citeert, mist dat.
    Hoe lang geldt het bewijsvermoeden bij een consumentenkoop?
    In Nederland één jaar. Artikel 7:18a lid 2 BW vermoedt dat de zaak bij aflevering niet aan de overeenkomst beantwoordde als de afwijking zich binnen één jaar na aflevering openbaart, tenzij de verkoper anders aantoont of de aard van de zaak of van de afwijking zich daartegen verzet. Let op bij grensoverschrijdende verkoop: artikel 11 lid 2 van Richtlijn (EU) 2019/771 staat lidstaten uitdrukkelijk toe in plaats van die ene jaartermijn twee jaar te hanteren, en niet iedereen koos hetzelfde. LEO zet de Nederlandse bepaling en de richtlijntekst naast elkaar in plaats van één van beide als dé regel te presenteren.
    Toetst LEO algemene voorwaarden aan de zwarte en de grijze lijst?
    Ja — hij legt het beding naast artikel 6:236 BW (de bedingen die tegenover een consument als onredelijk bezwarend worden aangemerkt) en artikel 6:237 BW (de bedingen die vermoed worden dat te zijn), met artikel 6:233 BW als grondslag voor de vernietiging. Hij doet dat met de tekst erbij, niet met een oordeel: of een beding in úw zaak sneuvelt, hangt af van de overeenkomst, de wijze waarop de voorwaarden tot stand kwamen en de wederzijds kenbare belangen. Wat hij wel meegeeft, is dat de rechter hier volgens HR 13 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:691 ook ambtshalve naar moet kijken.
    Doorzoekt LEO ook de uitspraken van de Reclame Code Commissie?
    Ja. De Stichting Reclame Code is een eigen bron in de consumentenrechtset: de Nederlandse Reclame Code met haar Algemeen Deel, de ruim twintig bijzondere codes — waaronder de Reclamecode Social Media & Influencer Marketing en de Code voor Duurzaamheidsreclame — en de uitspraken van de Commissie zelf. Dat is zelfregulering, geen rechtspraak: die uitspraken dragen geen ECLI en zijn onzichtbaar voor onderzoek dat bij Rechtspraak.nl ophoudt.
    Kan LEO voorspellen hoe hoog een ACM-boete wordt?
    Nee, en dat zou hij ook niet moeten. Wat hij levert is het wettelijke kader: artikel 2.9 Whc geeft de ACM de keuze tussen een last onder dwangsom en een bestuurlijke boete, en artikel 2.15 Whc geeft de maxima — € 900.000 of 1% van de omzet, 10% van de omzet bij een praktijk uit de zwarte lijsten van artikel 6:193g of 6:193i BW, bij een gecoördineerde Europese actie 4% of 10% van de jaaromzet in de betrokken lidstaten, en een verdubbeling bij recidive binnen vijf jaar. Wat de ACM binnen dat maximum doet, staat in haar eigen besluiten en beleidsregels; die kan LEO erbij halen, maar hij rekent er geen bedrag uit.
    Wat kan LEO in consumentenrecht juist níet?
    Vier dingen, en het is beter dat u ze vooraf weet. Er is geen bron voor de uitspraken van De Geschillencommissie, terwijl daar een groot deel van de consumentengeschillen landt. Er is geen eigen corpus voor consumentenkrediet en financiële producten: die laag hangt aan financieel recht en komt niet mee als u alleen Consumentenrecht aanvinkt. Er is geen bron voor productveiligheid en terugroepacties. En de enige branchevoorwaarden in deze set zijn de AVA 2023 Consument — reis-, telecom- of energievoorwaarden levert u zelf aan. Wat hij wél doet, is elke stelling voorzien van de vindplaats waarop zij steunt, zodat u die in een paar seconden kunt nalezen.

    Klantdossiers en klachtenbestanden zijn zelf ook persoonsgegevens.

    In consumentenzaken gaat het over echte kopers, met adressen, bestelhistorie en klachten. Wat u in LEO zet, blijft van u: uw cliëntdata wordt nooit gebruikt om AI-modellen te trainen. Zo is dat geregeld →

    GDPR-compliant

    Verwerking volledig binnen de AVG. Uw cliëntdata wordt nooit gebruikt om AI-modellen te trainen.

    Data in de EU

    Eigen servers in EU-datacenters (Duitsland en Finland) — geen hyperscaler. TLS 1.2+ in transport en een volledig versleuteld datavolume (LUKS2 full-disk) op elke productiehost, waar ook de back-ups staan.

    ISO27001

    ISO 27001 — certificaat verwacht Q4 2026

    Certificeringsaudit afgerond in augustus 2026; certificaat verwacht in het vierde kwartaal van 2026. Volg de status in ons Trust Center.

    Alle details, subverwerkers en documentatie: trust.prudai.com

    Wilt u ook een eigen paralegal?

    Probeer LEO gratis.